Longproblemen
Wat zijn longproblemen?
De longen, die in de borstkas liggen, halen zuurstof uit de lucht die je inademt. De zuurstof gaat via de longblaasjes naar het bloed en komt zo in alle delen van het lichaam. Het bloed geeft afvalstoffen (koolstofdioxide = CO2) terug aan de longblaasjes. De koolstofdioxide adem je vervolgens weer uit. Om goed te kunnen ademen zijn goed werkende longblaasjes, voldoende grote longen en ruimte in de borstkas nodig.
Soms ontstaan er longproblemen waardoor je minder makkelijk kunt ademen:
Longfibrose: littekenweefsel in de longen
Regelmatige infecties, zoals longontsteking
Chronische obstructieve longziekte (COPD): de bronchiën zijn doorlopend ontstoken (chronische bronchitis) of de longblaasjes zijn beschadigd (longemfyseem) waardoor ademen moeilijk is.
Niet roken helpt de kans op longproblemen te verkleinen.
Heb ik een verhoogde kans op longproblemen?
Iedereen, ook mensen die geen kanker hebben gehad, kan longproblemen krijgen. Maar sommige kankerbehandelingen kunnen de kans vergroten.
De volgende behandelingen kunnen de kans op longproblemen vergroten:
Chemotherapie: carmustine (BCNU), lomustine (CCNU), busulfan en bleomycine. Bleomycine kan longfibrose veroorzaken; longfibrose kan door hoge concentratie zuurstof, bijvoorbeeld tijdens een operatie, verergeren.
Bestraling op de longen of op een gebied waar de longen liggen
Allogene stamceltransplantatie (van een donor)
Operatie aan de borstkas
Je kunt in de samenvatting van je behandeling zien of je een of meer van deze behandelingen hebt gehad. Als je geen samenvatting hebt, kun je contact opnemen met de LATER-poli of het ziekenhuis waar je behandeld bent. Longproblemen hoeven niet altijd door de behandeling te komen. Er kunnen andere oorzaken zijn, zoals roken, overgewicht en ouder worden.
Wat zijn de klachten en signalen van longproblemen?
Bepaalde klachten en signalen kunnen wijzen op longproblemen. Ook al heb je deze klachten en signale op dit moment niet, toch is het belangrijk dat je ze (her)kent voor het geval je ze ooit krijgt.
De volgende klachten en signalen kunnen wijzen op longproblemen:
Kortademigheid of moeite met ademhalen
Een hoest die niet over gaat
Minder makkelijk kunnen bewegen
Pijn of hinder bij het in- of uitademen
Slijm of bloed ophoesten
Als je een van deze klachten of signalen herkent, neem dan contact op met je huisarts of LATER-arts.
Ik heb een verhoogde kans op longproblemen. Welke onderzoeken zijn nodig en wanneer?
Als je een verhoogde kans op longproblemen hebt, is het advies:
Elke 5 jaar een afspraak te maken met je LATER-arts.
Je longen en borstkas minstens elke 5 jaar te laten onderzoeken.
Bij de eerste LATER-afspraak een longfunctieonderzoek te laten doen om te weten hoe je longen werken. Zo nodig wordt dit onderzoek herhaald.
Wat gebeurt er als ik longproblemen heb?
Als je longproblemen hebt, kan je huisarts of LATER-arts je verwijzen naar een:
Longarts
Fysiotherapeut. Deze bespreekt de behandelmogelijkheden met je.
Wat kan ik nog meer doen?
Het kan moeilijk zijn te weten dat je (een verhoogde kans op) longproblemen hebt. Praten met vrienden en familie kan helpen. Ook contact met mensen in eenzelfde situatie kan fijn zijn, bijvoorbeeld via een patiëntenvereniging zoals VOX, een onderdeel van de Vereniging Kinderkanker Nederland.
Zorg vooral goed voor jezelf. Met een gezonde leefstijl kun je de kans op longproblemen verminderen. Het belangrijkste is niet roken (sigaretten, vapes, sigaren, pijpen) en niet ‘meeroken’. Vermijd vervuilde lucht en het werken met schadelijke stoffen. Zorg ook voor je mentale gezondheid. Kleine veranderingen kunnen al een positieve invloed hebben op je lichamelijke en mentale welzijn. Lees meer over kiezen voor een gezonde leefstijl en aandacht voor je mentale gezondheid.
Om de kans op een longontsteking te verkleinen, kun je je huisarts of LATER-arts vragen of het verstandig is om jaarlijks de griepprik te halen en je te laten inenten tegen pneumokokken. Als je behandeld bent met bleomycine, mag je geen verhoogde zuurstofconcentraties krijgen. Vertel daarom vóór een geplande narcose aan de anesthesioloog dat je als kind bleomycine hebt gehad. Het is belangrijk dat je weet dat je longproblemen kunt krijgen en dat je de klachten en signalen herkent.
Draag een S.O.S.-penning zodat in noodgevallen de Eerste Hulp weet dat je geen verhoogde concentratie zuurstof mag.
Als je vragen hebt of als je je na het lezen van deze informatie zorgen maakt, neem dan contact op met je huisarts of LATER-arts.
Waar vind ik meer informatie?
Op deze LATER-website staat ook informatie over onderwerpen die met longproblemen te maken hebben:
Gezonde leefstijl
Mentale gezondheid
Overgewicht en obesitas
Tweede vorm van kanker: longkanker
In de PanCare Plain Language Summaries vind je links naar betrouwbare informatie in het Engels. Je kunt online informatie over longproblemen zoeken, maar bedenk dat deze soms niet up-to-date of juist is.
Disclaimer
Deze informatie is gebaseerd op de lekensamenvatting van onderstaande richtlijn, gemaakt door de PanCare Plain Information Group, en is waar nodig aangepast aan de Nederlandse LATER-richtlijn. Vertrouw bij klachten en signalen niet alleen op deze informatie, maar ga naar je huisarts, LATER-arts of specialist.