Patiëntenportaal

Psychosociale zorg in de ‘later’ fase

Na de behandeling van kanker kunnen kinderen en jongeren nog lange tijd te maken hebben met fysieke, emotionele, cognitieve en sociale gevolgen. Ook ouders kunnen langdurige angst en stress ervaren, ook door de dreiging van terugkeer van de kanker.

Ouders

Ouders van kinderen die zijn genezen van kanker kunnen last houden van angst, onzekerheid en stress, vooral voor een recidief. Ook moeten ze leren omgaan met de mogelijk late effecten van de behandeling die hun kind heeft ondergaan. Een deel van de ouders geeft vijf jaar na de behandeling aan nog steeds een verhoogd stressniveau te hebben, en velen rapporteren symptomen van PTSS. Het is belangrijk dat zorgverleners alert blijven op signalen van posttraumatische stress en ouders hierin begeleiden.

Ouders kunnen ook opvoedproblemen ervaren omdat kinderen tijdens de behandeling soms gedrag aanleren dat later moeilijk te veranderen is. Het opnieuw vaststellen van grenzen en verwachtingen kan ingewikkeld zijn, vooral omdat niet altijd duidelijk is wat een gevolg is van de ziekte en wat als ‘normaal’ kindergedrag kan worden beschouwd.

Daarnaast kan het voor ouders moeilijk zijn om hun kind los te laten na alles wat ze hebben meegemaakt, terwijl dit belangrijk is voor de sociale en emotionele ontwikkeling van het kind. Veel ouders worstelen met het vinden van de juiste balans tussen zorg en het stimuleren van de autonomie van hun kind. Het bespreken en normaliseren van deze uitdagingen kan ouders helpen in deze overgangsperiode.

Meer informatie

Brown, R. T., Madan‐Swain, A., & Lambert, R. (2003). Posttraumatic stress symptoms in adolescent survivors of childhood cancer and their mothers. Journal of Traumatic Stress, 16(4), 309-318. https://doi.org/10.1023/a:1024465415620

Grootenhuis, M.A., Aarsen, F., & Van den Bergh, E. (2022). Psychologische behandeling bij kinderen met kanker. In S. Duijts, R. Sanderman, M. Schroevers, & T. Vos (Eds.), Psychologische patiëntenzorg in de oncologie (pp. 323-334). Uitgeverij Van Gorcum.

Grootenhuis, M.A., Maurice-Stam, H., & Van Litsenburg, R.R.L. (2019). Psychosociaal onderzoek in de kinderoncologie. In G.J. Kaspers, N. Dors, W. Luijpers, & Y. Benoit (Eds.), Leerboek kinderoncologie (pp. 465-474). De Tijdstroom.

Kazak, A. E., & Noll, R. B. (2015). The integration of psychology in pediatric oncology research and practice: Collaboration to improve care and outcomes for children and families. American Psychologist, 70(2), 146-158. https://doi.org/10.1037/a0035695

Michel, G., Brinkman, T. M., Wakefield, C. E., & Grootenhuis, M. (2020). Psychological outcomes, health- related quality of life, and neurocognitive functioning in survivors of childhood cancer and their parents. Pediatric Clinics of North America, 67(6), 1103-1134. https://doi.org/10.1016/j.pcl.2020.07.005

Schepers, S. A., Sint Nicolaas, S. M., Haverman, L., Wensing, M., Schouten van Meeteren, A. Y., Veening, M. A., Caron, H. N., Hoogerbrugge, P. M., Kaspers, G. J., Verhaak, C. M., & Grootenhuis, M. A. (2017). Real-world implementation of electronic patient-reported outcomes in outpatient pediatric cancer care. Psycho-Oncology, 26(7), 951-959. https://doi.org/10.1002/pon.4242

Stam, H., Grootenhuis, M. A., Brons, P. P., Caron, H. N., & Last, B. F. (2006). Health‐related quality of life in children and emotional reactions of parents following completion of cancer treatment. Pediatric Blood and Cancer, 47(3), 312-319. https://doi.org/10.1002/pbc.20661

Vrijmoet-Wiersma, C. M., van Klink, J. M., Kolk, A. M., Koopman, H. M., Ball, L. M., & Egeler, M. (2008). Assessment of parental psychological stress in pediatric cancer: A review. Journal of Pediatric Psychology, 33(7), 694-706. https://doi.org/10.1093/jpepsy/jsn007