Internationaal specialistenoverleg biedt nieuwe behandelopties
14 april 2026
Samenwerking is cruciaal binnen de kinderoncologie. Zo ook wanneer de behandeling bij een kind niet aanslaat of de ziekte terugkeert. Want welke behandelopties zijn er dan nog? Om dat te bepalen, komen kinderoncologen en onderzoekers gespecialiseerd in bloedkankers van over de hele wereld voor het eerst tijdens een regelmatig digitaal overleg samen.
De overlevingskansen voor kinderen met leukemie of lymfeklierkanker zijn de afgelopen decennia sterk verbeterd. Maar bij een klein deel van de kinderen komt de ziekte helaas toch meerdere keren terug, of werkt de standaardbehandeling niet meer. Dan zijn er steeds minder behandelopties of klinische studies om aan deel te nemen beschikbaar. En welke behandeling is dan de beste keus?
Met dat in gedachten richtten kinderoncologen en onderzoekers van het Prinses Máxima Centrum een speciaal overleg op, de International Leukemia/Lymphoma Target Board. In het overleg bundelt een internationaal team uit 15 landen de kennis van kinderoncologen en wetenschappers die onderzoek doen naar de biologie van bloedkankers en nieuwe of bij klinische studies betrokken medicijnen.
In het eerste jaar dat de digitale overleggen plaatsvonden werden 42 kinderen uit 18 landen besproken en werden er behandeladviezen door de deelnemende specialisten opgesteld. Een gedeelte van deze kinderen kon ook deelnemen aan een klinische studie waarbij de internationale doorverwijzing vanuit het overleg kan helpen om de zorgkosten in of vanuit het buitenland vergoed te krijgen.
De onderzoekers kijken positief terug op het eerste jaar. Ze geven aan dat deze gestructureerde, internationale aanpak nodig is om deze specifieke groep kinderen toegang te geven tot de best passende behandeling. Behandelaren leren ook veel van het overleg, omdat iedereen zijn of haar ervaring inbrengt. De kinderen voor wie een advies is uitgebracht worden de komende jaren gevolgd om na te gaan of de voorgestelde behandeling succesvol is geweest.
Het internationale overleg vindt ook de komende jaren plaats. Het doel is ieder jaar ongeveer 50 kinderen met zeer moeilijk te behandelen bloedkanker te bespreken.
Het opzetten van het internationale overleg is mede mogelijk gemaakt door financiële ondersteuning van Oncode Institute en Fight Kids Cancer.
Vinden en prioriteren van nieuwe opties
De International Leukemia/Lymphoma Target Board is een virtueel overlegplatform waarbij experts uit diverse landen op het gebied van bloedkanker, genetica, stamceltransplantatie, immunotherapie en klinische studies gezamenlijk adviezen formuleren. Gemiddeld waren er 28 betrokken experts per bijeenkomst.
De evaluatie van het eerste jaar iLTB is gepubliceerd in Haematologica. Dr. Judith Boer en Uri Ilan coördineerden de iLTB onder leiding van onderzoekgroepsleiders Prof. dr. Monique den Boer en prof. dr. Michel Zwaan.
Therapeutische strategie
Kinderoncologen konden casussen direct bij de iLTB indienden. In het eerste jaar zijn 42 kinderen besproken. Voor 41 van hen kon een concreet behandeladvies worden opgesteld. In vier op de vijf casussen werd dit advies vervolgens ook echt toegepast.
Dankzij de iLTB kon ruim één op de drie (36%) van deze kinderen deelnemen aan een klinische studie of een zogenaamd ‘named patient protocol’, waarbij een nog experimenteel medicijn beschikbaar wordt gesteld. Dat is driemaal zo veel als voorheen. Vaak gebeurde dit via internationale doorverwijzingen, omdat bepaalde behandelingen in het eigen land niet beschikbaar waren.
De resultaten laten zien dat een internationaal expertteam daadwerkelijk helpt bij het vinden en prioriteren van nieuwe opties voor kinderen met een zeer moeilijk te behandelen vorm van bloedkanker. Bij bijna 40% van de patiënten leidde het advies zelfs tot een volledig nieuwe therapeutische strategie.
Het iLTB-platform bereikte in het eerste jaar dan ook zijn belangrijkste doel: het vergroten van de toegang tot innovatieve en experimentele behandelingen voor kinderen met een hoog risico. De komende jaren wordt het overleg voortgezet. De besproken kinderen worden gedurende twee jaar opgevolgd zodat beoordeling van de klinische meerwaarde van de geadviseerde behandelingen mogelijk is.